hoe vaak moet een hond poepen?

hoe vaak moet een hond poepen
De ontlasting van je hond zegt veel over hoe hij in zijn vel zit. Eet hij de juiste voeding, is hij levendig en gezond, zonder stress, wormen of andere parasieten? Dan is de kans groot dat de stoelgang goed is. Het voer dat je hem geeft is van grote invloed op de hoeveelheid en samenstelling van zijn uitwerpselen.

  • Hoe minder hondenontlasting, hoe meer voedingsstoffen hij opneemt en gebruikt;
  • Zorg dus dat je de ontlasting van je hond regelmatig checkt;
  • Wanneer er een verstoring in de spijsvertering is, zal dit in de meeste gevallen afwijkende ontlasting tot gevolg hebben;

Bij een gezonde spijsvertering werken de darmen, de lever en de alvleesklier goed samen om eten te kunnen verteren. Gezonde ontlasting is vast van vorm, heeft een (donker)bruine kleur en geen indringende geur. Een ‘goede drol’ pak je dus gemakkelijk op, is niet keihard en niet te zacht.

Hoe lang kan een hond zonder poepen?

Het komt wel eens voor dat de hond een dag geen ontlasting heeft. Dit is op zich niet erg. Wanneer de hond twee dagen achter elkaar geen ontlasting heeft gehad kan dit wijzen op een aandoening.

Hoe lang na het eten moet een hond poepen?

Spijsverteringskanaal van de hond – Het spijsverteringskanaal van de hond begint, net als bij de mens, in de bek. In tegenstelling tot bij de mens, bevat het speeksel van de hond geen verteringsenzymen en wordt het voedsel alleen vermalen tot kleinere delen.

Het  gebit  speelt hierbij een cruciale rol. Gebitsproblemen worden vaak onderschat bij een hond, zorgen voor veel pijn en kunnen van invloed zijn op de spijsvertering van de hond. Via de  slokdarm  bereikt het voedsel de maag van de hond, waar het zich vermengd met maagzuur.

Het maagzuur bewerkt de aanwezige eiwitten in de voeding en is in staat om een groot aantal, mogelijk schadelijke, micro-organismen te doden. De maag van de hond is behoorlijk groot in verhouding tot het darmkanaal. Deze verhouding dankt de hond aan zijn voorvader de wolf die zijn voedsel (de prooi) in grote porties tot zich neemt.

Het maagdarmstelsel van de hond staat nog dichtbij die van de wolf. Volgende stap van het voedsel is de  twaalfvingerige darm. Dit is het eerste deel van de dunne darm. Hier komen belangrijke spijsverteringssappen zoals gal en de sappen van de alvleesklier (pancreas) bij de voedselbrij.

De galsappen ondersteunen de vetvertering en de sappen van de alvleesklier bevatten veel enzymen die helpen bij de vertering van koolhydraten en eiwitten. De weg gaat verder langs de  dunne darm. De wand van de dunne darm bevat cellen die spijsverteringssappen afgeven.

De wand is enorm geplooid waardoor er een groot oppervlak ontstaat waar de spijsvertering met hulp van bacteriën en enzymen plaatsvindt. Bij deze vertering worden de voedingsstoffen tot kleine opneembare delen ‘geknipt’.

Na opname door de darmcel, wordt de voedingsstof weer afgegeven aan het bloed, die de voedingsstoffen naar de lever vervoert. De lever regelt de verspreiding van de voedingsstoffen door het lichaam. Als laatste gaat de voedselbrij naar de  dikke darm. Hier wordt het water gehaald uit het restant.

Via de endeldarm (rectum) gaat de darm over in de sluitspier (anus), waarlangs de laatste resten van het voedsel het lichaam weer verlaat. De tijd tussen eten en de ontlasting van de hond verschilt per keer en verschilt per hond.

De gemiddelde duur van de spijsvertering van de hond van A tot Z kan 12 tot ongeveer 24 uur duren, dus een tot twee keer per dag ontlasting is normaal. Als het langer duurt is dat niet direct een reden tot alarm, grote stukken duren langer om te verteren.

Hoe vaak poepen op een dag is normaal?

Even naar het toilet Gastro-enterologen (maag-darm wetenschappers) vertellen in Live Science dat alles goed zit als je tussen de drie keer per dag en drie keer per week een grote boodschap doet.

Is het goed als een hond veel poept?

Wanneer volwassen honden een hogere frequentie (> 3 keer per dag) van de stoelgang hebben of last hebben van veel meer ontlasting, dan ligt dit hoogstwaarschijnlijk aan één van deze vier aspecten: voeding, hoeveelheid voeding, darmflora en/of werking verteringsstelsel.

Hoe weet je of je hond verstopping heeft?

Symptomen verstopping darmen hond – Verstopping bij je hond herkennen, is vaak niet het probleem. Als baasje merk je natuurlijk dat je viervoeter niet meer poept tijdens de wandelingen, een van de duidelijkste symptomen van verstopping van de darm bij je hond.

  • Obstipatie bij je hond kun je verder herkennen door samengeklonterde ontlasting rond de anus, onsuccesvol ontlastingsgedrag en algehele onrust;
  • Na een tijd kan je hond zich naar gaan voelen en misselijk of suf gedrag vertonen;

Daarnaast kan de eetlust sterk afnemen. Ook kan een hond met obstipatie gaan overgeven. Ook zie je mogelijk poep rondom de anus van je hond, dit kan de ongestoorde doorgang van de ontlasting verhinderen. Raadpleeg in geval van twijfel altijd een dierenarts, zeker als je bloed ziet rondom de anus of als je bloed bij de ontlasting van je hond ziet.

Hoe weet je of een hond moet poepen?

Wanneer is er sprake van gezonde ontlasting? – Je hond hoort gemiddeld 2 keer per dag te poepen. De ontlasting hoort vast te zijn en een gezonde bruine kleur te hebben. Er komt geen hele dringende geur van de ontlasting. Is dit niet het geval, dan is het hondenvoer één van de zaken die invloed hebben op de gezondheid.

  • Hondenbrokken die voor veel ontlasting zorgen komen over het algemeen voor bij goedkope diervoeders;
  • Honden met veel ontlasting hebben echter te maken met veel stoffen in het voer die zij niet nodig hebben;

Dit zijn bijvoorbeeld toegevoegde chemicaliën of afvalproducten. Dit is op lange termijn schadelijk voor de gezondheid van jouw trouwe viervoeter. Het is in dat geval het proberen waard om te wijzigen van hondenvoer. Een gelige kleur van de ontlasting duidt op een hond die niet lekker in zijn vel zit.

Welk hondenvoer geeft weinig ontlasting?

Eigenschappen van hondenbrokken met weinig ontlasting – Goede hondenbrokken met weinig ontlasting zijn lastig te herkennen voor een leek. Je moet weten waar je op moet letten om een kwalitatief goede brok te herkennen. Goede hondenbrokken bestaan uit zes belangrijke basiselementen:

  • Dierlijke eiwitten
  • Onverzadigde vetten
  • Licht verteerbare koolhydraten
  • Vezels
  • Mineralen
  • Vitamines
  • Water

Dierlijke eiwitten zijn beter voor de hond dan planaardige eiwitten. Zorg dat de hondenbrokken eiwitten van kip, kalkoen, lam, rendier en vis bevat. Door het voeren van onverzadigd vet krijgt jou hond een gezond energie niveau en een mooie glanzende vacht. Zorg dat jouw hondenbrokken licht verteerbare koolhydraten bevat. Denk hierbij aan rijst, mais en aardappels.

Hoe laat laatste maaltijd hond?

Een puppy mag vanaf 8 weken worden opgehaald bij de kennel of fokker. Als ze nog zou mini zijn, begin dan met vier kleine maaltijden per dag. Het maagje van jouw pup kan nog niet zoveel hebben en het is beter voor de vertering, als je haar voeding over 4 porties verspreidt.

Hoeveel tijd tussen eten hond?

Geef een afgepaste hoeveelheid voer die verdeeld is in een of twee porties per dag. Laat het voerbakje van de hond zo’n 10 minuten staan en haal het daarna weg. Zo zal uw hond eraan wennen om op vaste tijden te eten. Zorg dat u elke dag rond hetzelfde moment eten geeft.

Hoeveel ontlasting is normaal?

Er bestaat geen definitie voor een gezonde stoelgang. Dit verschilt namelijk per persoon. Waar de één elke dag naar het toilet gaat voor een grote boodschap, heeft een ander maar drie keer per week ontlasting. Zolang de ontlasting een soepele drol is en zonder klachten verloopt, is er niks aan de hand.

Kunnen vrouwen poepen?

Stoelgang – Dat blijkt uit onderzoek van Winclove. Acht op de tien mannen denkt bij een goede stoelgang ook aan elke dag poepen. Bij vrouwen is dat iets meer dan 65 procent. Eke Teekens, voedingskundige en Director Healthcare bij Winclove, noemt het opmerkelijk dat mensen denken dat een goede stoelgang iedere dag poepen inhoudt.

„Dat is niet het geval”, zegt Teekens. „Door zorgprofessionals uit ons netwerk wordt drie keer per week tot drie keer per dag als norm gezien. ” Lees ook: Nederlanders hebben poepangst Vrouwen zijn wel oplettender tijdens een toiletbezoek dan mannen.

80 procent van de vrouwen is zich bewust van de relatie tussen ontlasting en haar gezondheid. Een derde van de vrouwelijke poepers kijkt altijd even achterom naar de ontlasting. Bij mannen doet slechts een kwart dit. „Vrouwen zijn zich vaker bewuster van wat ze eten”, zegt Teekens.

Welke kleur ontlasting is niet goed?

Kleur van ontlasting: wat is normaal? – Wat zegt de kleur van je ontlasting over je gezondheid? Voor een normale ontlastingskleur geldt dat alle kleuren bruin meestal als standaard worden beschouwd. Sommige medicatie en bepaald eten kunnen invloed hebben op de kleur van je ontlasting.

Waarom mag je een hond niet recht in de ogen kijken?

Er wordt wel eens gezegd dat baasjes erg op hun honden lijken, en vaak zijn er ook opmerkelijke overeenkomsten te zien. Maar andersom lijken honden veel minder op mensen dan we soms denken of zouden willen. Ons gedrag kan de trouwe viervoeters flink in verwarring brengen. hoe vaak moet een hond poepen © Tim Dawson via Wikimedia Commons (Lichaams)taal Afstammend van de wolf is de hond van nature gericht op de lichaamstaal van soortgenoten, maar ook op die van de mens. Misschien dat ze door conditionering wel de betekenis van een aantal woorden kennen, zoals ‘uit’, of ‘eten’, of zelfs een paar honderd woorden zoals bij sommige bordercollies, maar het heeft geen enkele zin om ze ter verantwoording te roepen als ze eens een keer ondeugend zijn, want mensentaal begrijpen ze niet.

Helemaal verward raken ze wanneer we met ons lichaam iets anders uitdrukken dan we met woorden willen bereiken. Een veelgemaakte fout tijdens de opvoeding van honden is bijvoorbeeld het commando ‘blijf’, terwijl we tegelijk voorovergebogen met onze opgestoken hand een stopsignaal geven.

De hond interpreteert die lichaamshouding juist met een uitnodiging om te komen, en wanneer het baasje vervolgens afwijzend reageert is dat voor een hond niet te begrijpen. Een goede oefening voor mensen is om een dag zo weinig mogelijk te praten tegen de hond en te proberen alles met het lichaam te ‘zeggen’.

Het zal je verbazen hoeveel invloed ons lichaam heeft op de communicatie met honden. Knuffelen Als mensen zijn we geneigd een arm om iemands schouder te slaan, te zoenen en te knuffelen. Het is daarom niet zo gek dat we hetzelfde doen bij onze honden.

Maar de meesten hebben helemaal niets met knuffelen. Honden drukken genegenheid niet uit door elkaar te ‘ompoten’, want zo zijn ze nou eenmaal niet geëvolueerd. Wanneer we onze arm on de schouder van de hond slaan zal hij dat ervaren als het opdringen van je dominantie.

De meeste honden zijn zo lief dat ze het morrend toelaten, maar het is niet voor niets dat de meeste bijtincidenten bij kinderen voorkomen omdat ze de hond liefkozend om de nek hangen. Ook is het mogelijk dat de hond knuffels van het ene gezinslid wel toestaat, terwijl het bij de ander tot grommen leidt.

Wanneer je het knuffelen toch niet kunt laten, let dan vooral op de reactie van je hond. Zie je een terugtrekkende beweging, een gesloten mond of likt hij zijn lippen, heeft hij de oren naar achteren en vermijdt hij oogcontact? Allemaal tekenen dat de knuffel niet wordt gewaardeerd.

Schouder- of hoofdklopjes Zeg nou zelf, als iemand plotseling zijn of haar hand uitsteekt en je opeens bemoedigende klapjes op je hoofd geeft, dan voelt dat niet als iets aangenaams. Waarschijnlijk heb je meteen de neiging om je hoofd weg te trekken.

Bij honden werkt het precies zo. Veel mensen denken dat honden een hoofdklopje zien als een beloning, maar ze ervaren het als een onaangename indringing van hun persoonlijke ruimte. Wellicht laten ze het uit beleefdheid toe omdat je nu eenmaal de baas bent, maar wanneer ze hun hoofd wegtrekken is dat duidelijk een teken dat ze het niet waarderen.

Wil je een hond echt laten weten dat je ze met een klopje beloont, doe dat dan zacht op hun onderrug, vlakbij de staartinplant. Je zult meteen merken hoe fijn ze dat vinden! Oogcontact Misschien wel de meest indringende vorm van non-verbaal contact is elkaar recht in de ogen kijken.

Bij geliefden misschien een heerlijk gevoel, maar wanneer een vreemde je op straat recht aankijkend tegemoet komt voelen we ons meteen bedreigd. Gelukkig kunnen mensen de rest van het gezicht beoordelen, bijvoorbeeld de stand van de mond, want als die lacht is de situatie meteen heel anders.

  1. Maar honden herkennen die menselijke gelaatstrekken niet;
  2. Een hond, en zeker een vreemde hond, ervaart het als onaangenaam wanneer we op hem afkomen en zonder te knipperen recht in de ogen kijken;
  3. Dit komt over als dominant gedrag en aan hun reactie is dat meteen te zien;

Sommigen zullen je blik ontwijken, even kwispelen in de hoop op een vriendelijke tegenreactie, of zelfs onderdanig op de rug gaan liggen. Andere honden kunnen juist gaan blaffen, om aan te geven dat zij de baas zijn. Wil je een vreemde hond aanhalen, doe dat dan met je lichaam onder een schuine hoek, een iets afwijkende blik en vriendelijke woorden.

Geef een hond ook even de kans om aan je te snuffelen. De kans bestaat dat hij daarna nog steeds niets met je te maken wil hebben, maar je hebt hem in ieder geval niet op een beangstigende manier benaderd.

Onduidelijke regels Honden floreren wanneer ze binnen de ‘gezinsroedel’ onderhevig zijn aan strikte regels. Wat dat betreft zijn het net kinderen. Vaak zijn het de schreeuwende kinderen met driftbuien die thuis niet aan banden worden gelegd, alles mogen en geen verboden kennen.

  • Duidelijke grenzen stellen zorgt voor uitgebalanceerd gedrag en daarmee voor gelukkige kinderen, net zoals bij honden;
  • Zij zijn namelijk ingesteld op de leider, en wanneer die duidelijk aangeeft wat wel en niet mag zal de hond je daarom juist meer respecteren;
See also:  Wat Is Bullepees Hond?

Het is echter belangrijk om geen uitzonderingen te maken. Regels zijn regels, en daarvan afwijken wordt niet begrepen. Zo snappen honden niet dat je het wel toestaat als ze tegen je opspringen wanneer je vrijetijdskleding draagt, maar niet als je strak in het pak naar een vergadering moet.

Of dat het wel is toegestaan om op de bank te liggen na een bad, maar niet als ze bemodderd thuiskomen na een boswandeling. Beloon goed gedrag en keur afwijkingen daarvan standvastig af, en je hond zal je respecteren en gelukkig zijn.

Opgedrongen sociale contacten Vrienden en vijanden. Honden hebben ze, net zoals mensen, en wie wil er nu graag in dezelfde ruimte verkeren als iemand aan wie je een hartgrondige hekel hebt? Toch komt het maar al te vaak voor dat baasjes hun honden dwingen om met ongeacht welke soortgenoot opgescheept te zitten.

Dat kan zijn bij familie of vrienden, of bijvoorbeeld bij een uitlaatplek. Enthousiast wordt het dier overgeleverd aan de wens van de baas om zijn maatje te laten spelen, terwijl de hond eigenlijk liever terug naar huis wil.

Of vreemden mogen de hond aanhalen terwijl die er eigenlijk niet van gediend is. Toch is het wel zaak dat honden sociaal gedrag aanleren. Het is daarbij goed om verlegen of ietwat teruggetrokken honden te belonen wanneer zij zich positief gedragen in situaties met onbekende honden of personen.

  1. Dwing ze het contact niet op, maar laat ze rustig wennen;
  2. Moedig ze aan en let doorlopend op hun lichaamstaal;
  3. Wil je te snel resultaat bereiken dan kan de hond een permanente negatieve associatie krijgen met de plek of bij de persoon, en het brokkelt je positie als leider af;

Te korte wandelingen We leven in een gehaaste wereld waarin alles snel moet gebeuren. Even een blokje om zodat de hond zijn behoefte kan doen en dan snel weer achter de computer. Daarbij willen we ook nog dat het dier zich weet te gedragen wanneer het is aangelijnd, en dat is natuurlijk ook erg belangrijk.

Maar even noodzakelijk is het om de hond de tijd te geven om aan struikjes en afzetpaaltjes te snuffelen. Honden ‘kijken’ met hun neus, en zo weten ze precies dat de bouvier van de hoek net is langsgekomen, of de teckel van de buurvrouw.

Dit gedrag zit in hun genen en we moeten ze de ruimte geven om daaraan toe te geven. Een goede manier daarvoor zijn ‘geurwandelingen’. Wijk af van de normale uitlaatroute en geef ze de kans om alle geuren in zich op te nemen. Het kan daarbij goed werken om verschillende routines te hebben voor het blokje om en een langere wandeling voor de neus, bijvoorbeeld door in het laatste geval een rugzakje mee te nemen, zodat de hond meteen weet dat het tijd is om op ontdekking uit te gaan. hoe vaak moet een hond poepen @ epSos via Flickr Te strak aangelijnd Via de lijn voelt een hond of we gespannen zijn of juist niet. En het gedrag van een aangelijnde hond kan mensen juist weer iets zeggen over zijn gemoedstoestand. Veel baasjes hebben de neiging om de hond dicht bij zich te houden, om te voorkomen dat ze plotseling tegen iemand opspringen of te dicht bij andere honden komen.

  1. Geurwandelingen zijn belangrijk en houden het leven van je hond afwisselend en interessant;
  2. Maar een hond ervaart een strakke lijn letterlijk als spanning;
  3. Dit uit zich weer in sneller blaffen en trekken, soms amechtig hijgend omdat de halsband strak om hun keel wordt getrokken;

Een hond aanleren om met een slappe lijn uitgelaten te worden is niet altijd even eenvoudig. Soms zullen mensen te maken hebben met een hond die ze half over straat trekt. Daartegen bestaan verschillende gedragscorrecties, waarover de meningen echter uiteen lopen.

  1. Feit blijft dat, eenmaal aangeleerd, een hond aan een slappe lijn meer ontspannen is en zich prettiger voelt tijdens een wandeling;
  2. Psychische spanning Stress heeft een enorme uitwerking op ons handelen;

We worden kortaf, zijn gespannen, en dat vertaalt zich weer in onze lichaamstaal. Honden pikken dat direct op en zullen die spanning ook gaan vertonen in hun gedrag. Eigenlijk kun je zeggen dat ze de perfecte spiegel zijn van de gemoedstoestand van de baas.

  • Veel mensen zien die link niet en verbazen zich erover wanneer hun hond plotseling zelf gespannen is, nerveus overkomt of zomaar gaat blaffen terwijl hij dat normaal nooit doet;
  • In die situaties is het goed om bij onszelf te rade te gaan;

Heb je de afgelopen tijd vergelijkbaar gedrag vertoond of spanning gevoeld? Is je hond al een tijdje van slag en gaat dat gelijk op met je eigen negatieve gevoelens? Een goede manier om jezelf te helpen is om je hond te kalmeren. Want dat lukt alleen als je zelf de innerlijke rust terugvindt en in balans bent.

Verveling Niets is zo saai om in de buurt te zijn van mensen die voor jou oninteressante dingen doen. Niet voor niets is ‘ik verveel me’ een uiting van kinderen die vaak voorkomt wanneer de ouders een volwassen gesprek voeren waaraan het kind niet kan deelnemen.

Ze willen actie, er moet iets gebeuren en hebben het gevoel uit hun vel te knappen van het nietsdoen. Vergelijkbaar hiermee is het gevoel van een hond wanneer het baasje na een lange dag werken thuiskomt. Er moet gekookt worden, daarna uitbuiken op de bank en televisie kijken.

Terwijl de hond juist energie heeft opgespaard en zin heeft om te spelen en te ravotten. Die verveling zal hij uiten, bijvoorbeeld door op schoenen te gaan kauwen of zijn tanden in de tafelpoten te zetten.

Hoe moe we ook zijn, onze hond verdient het om zich niet te vervelen. Neem dus de tijd om met ze te spelen, verstop hun speeltje en laat ze ernaar zoeken of ga toch maar even lekker met ze wandelen. Dit is tenslotte gezond voor de hond, en even goed voor de baas.

  • Plagen Het spreekt bijna voor zich, dus het laatste ‘mensending’ waar honden een hekel aan hebben behoeft weinig aandacht;
  • Niemand, van groot tot klein, van hond tot konijn, houdt van plagerijen;
  • Toch zijn er mensen die denken dat het leuk is om te doen;

Zoals ‘terugblaffen’ naar een aangeslagen hond, zwaaien naar blaffende honden achter een raam of deur, of zelfs aan hun staart trekken. Zo kunnen we nog wel even doorgaan, maar het komt uiteindelijk op een ding neer: plaag honden en andere dieren nooit.

Hoe vaak poept een hond met vers vlees?

In het kort de belangrijkste voordelen van Vers Vlees: – Geen jeuk/ allergische reacties meer – Geen stank (lichaamsgeur, winderigheid, uit de bek stinken) – Minder vaak naar de dierenarts – Mooiere vacht – Geen of vele malen minder last van oorontstekingen – Geen volle anaalklieren meer – Minder vaak poepen en kleinere opraapbare drollen – Minder vaak wormen en/of vlooien – Minder hyperactief, maar wel actief – Goedkoper én beter dan veel dure merkbrokken Meest natuurlijke voeding voor de hond Kant & Klaar Vers Vlees is verkrijgbaar als katten- en hondenvoer en bestaat uit een speciale verhouding rauw spiervlees, orgaanvlees en bot. KVV is absoluut de beste en meest natuurlijke voeding voor een hond die verkrijgbaar is. Bovendien is het een zeer aangename bijkomstigheid dat Kant & Klaar Vers Vlees ook nog eens een stuk voordeliger is dan veel dure brokken. Maag-, darm-en huidproblemen Een groot aantal honden kampt tegenwoordig met maag/darmproblemen, huidproblemen, diarree of gebitsproblemen.

  1. In veel gevallen hebben deze klachten te maken met de voeding die de hond krijgt, beter gezegd de toevoegingen die in dat voer zitten;
  2. Deze problemen zijn vaak goed op te lossen door de hond Kant & Klaar Vers Vlees te geven;

Het gebit en het spijsverteringssysteem van de moderne hond en zijn voorvaderen is na jaren van evolutie en domesticatie maar weinig veranderd. Een mens is een alleseter en heeft de vrije keuze om te eten wat hij wil, maar een hond is en blijft een vleeseter en is voor zijn voedsel afhankelijk van de mens.

Graan in brokken De meeste brokken bevatten slechts 20% vlees en dit is voor een vleeseter natuurlijk een erg laag percentage. In brokken zit ook veel graan, terwijl vers graan echter niet of nauwelijks voorkomt in de natuurlijke voeding van de hond en ook niet of nauwelijks verteerd wordt.

Wel in brokken dus, en vaak in grote hoeveelheden. Meestal zo rond 50% van het totaal. Graan is voor fabrikanten een goedkope energieleverancier en wordt daarom graag gebruikt in brokken. Granen, in deze hoeveelheden, kunnen schimmels en gisten op de huid en in de darmen veroorzaken.

Het is ook gebleken dat honden met een chronische oorontsteking goed reageren op voedsel waar geen granen in verwerkt zitten. Natuurlijke darmflora met vers vlees Ook bevatten brokken vaak uitsluitend gekookte voedingsstoffen.

Vitamines overleven dit proces niet, dus die moeten achteraf weer worden aangevuld. Niet alleen de vitamines verdwijnen door het kookproces, ook alle goede bacteriën en enzymen worden vernietigd. Het grote nadeel hiervan is dat de darminhoud van de hond niet de natuurlijke flora kan opbouwen die zo nodig is voor een goede weerstand.

Mooiere huid en vacht Niet alleen is verse voeding erg gezond, de hond zal er ook nog eens enorm van genieten. Zelfs zeer moeilijke eters zullen het rauwe, verse vlees met plezier eten. De hond zal een mooiere huid en vacht hebben, beter functionerende organen hebben, mooiere en schonere tanden hebben, meer energie hebben of juist rustiger worden omdat hij beter in zijn vel zit.

Betere vertering en ontlasting met vers vlees De ontlasting van een hond die vers vlees te eten krijgt, is vele malen minder dan van een hond die brokken krijgt. Dit komt omdat het lichaam vers vlees en botten veel beter kan verteren dan brokken. De hond haalt door het vlees veel meer goede stoffen uit zijn voeding.

  1. De granen en andere onnodige toevoegingen in brokken zijn voor honden alleen maar ballast waar hij niks mee kan en dit zal allemaal weer via de ontlasting kwijtgeraakt moeten worden;
  2. Dit is dan ook goed te zien aan de grote hopen die worden geproduceerd door brokkeneters;

Voor schone tanden Hoe meer ontlasting, hoe minder voedingsstoffen in het lichaam worden opgenomen. Ook de structuur van de ontlasting is mooier bij een hond die vers vlees eet. Honden die brokken eten hebben vaak zachtere ontlasting, terwijl een vers gevoerde hond nette harde ontlasting heeft.

  • Dit heeft weer grote voordelen voor de anaalklieren, die door de stevigheid van de ontlasting constant gestimuleerd worden en vrijwel nooit ontstoken raken;
  • Voor wat betreft de tanden: het eten van brokken kunt u vergelijken met het eten van een koekje door uzelf;

Vaak blijft er van alles achter op de tanden, wat tandplak en tandsteen gaat veroorzaken. Vers vlees plakt niet aan de tanden, waardoor deze veel schoner blijven en gebitsproblemen voorkomen worden. Betere darmflora met vers vlees Vers vleeshonden zullen minder problemen hebben met blaas en nieren, beter groeien zonder skeletproblemen en beter eten omdat de acceptatie erg hoog is.

De weerstand van de hond gaat er zeker op vooruit omdat alle essentiële voedingsstoffen goed worden opgenomen. Dit zorgt ervoor dat de darmflora beter werkt en dit is erg belangrijk voor de spijsvertering.

Een uitgebalanceerd KVV weekmenu bevat botten, spiervlees, orgaanvlees en pens of boekmaag precies de goede verhoudingen. Soms vragen mensen zich af waarom er pens of boekmaag in verwerkt is, tenslotte is de spijsvertering van een hond er toch op gericht om vlees en botten te verteren? Dit klopt, maar in de natuur eten roofdieren nadat ze de maag van zijn prooi hebben gescheurd, ook de inhoud hiervan op.

De maag en darmen van een prooidier bevatten veel voorverteerd plantaardig voedsel, boordevol vitaminen. Hoeveel moet je voeren met vers vlees? Een volwassen hond eet per dag gemiddeld 2% tot 7% van het ideale lichaamsgewicht aan KVV.

De 2% is dan voor een hond van een groot ras en de 7% is voor een hond van een heel klein ras. Een hond die ouder is, gecastreerd is en/of weinig beweging heeft: zou aan 1,5% van het lichaamsgewicht voldoende kunnen hebben. Een pup eet gemiddeld 5% tot 10% van het huidige gewicht.

De 5% is dan voor een pup van een zeer groot ras, de 10% is voor een pup van een heel klein ras. Zowel voor een volwassen hond als voor pups geldt dat de genoemde percentages slechts richtlijnen zijn. Het belangrijkste is dat u goed naar uw hond kijkt en voert op het oog.

Wordt de hond te dik, dan zult u wat minder moeten gaan geven, wordt de hond te dun dan voert u wat meer. Vers vlees in Ravenstein, Schaijk, Oss, Wijchen en omgeving 123diepvriesvoer. nl levert grote en kleine hoeveelheden KVV vanuit voorraad tegen superscherpe prijzen aan alle hondenbezitters in de regio Ravenstein – Schaijk- Oss – Wijchen en buurtdorpen.

Hoe vaak poept een hond met vers vlees?

In het kort de belangrijkste voordelen van Vers Vlees: – Geen jeuk/ allergische reacties meer – Geen stank (lichaamsgeur, winderigheid, uit de bek stinken) – Minder vaak naar de dierenarts – Mooiere vacht – Geen of vele malen minder last van oorontstekingen – Geen volle anaalklieren meer – Minder vaak poepen en kleinere opraapbare drollen – Minder vaak wormen en/of vlooien – Minder hyperactief, maar wel actief – Goedkoper én beter dan veel dure merkbrokken Meest natuurlijke voeding voor de hond Kant & Klaar Vers Vlees is verkrijgbaar als katten- en hondenvoer en bestaat uit een speciale verhouding rauw spiervlees, orgaanvlees en bot. KVV is absoluut de beste en meest natuurlijke voeding voor een hond die verkrijgbaar is. Bovendien is het een zeer aangename bijkomstigheid dat Kant & Klaar Vers Vlees ook nog eens een stuk voordeliger is dan veel dure brokken. Maag-, darm-en huidproblemen Een groot aantal honden kampt tegenwoordig met maag/darmproblemen, huidproblemen, diarree of gebitsproblemen.

  • In veel gevallen hebben deze klachten te maken met de voeding die de hond krijgt, beter gezegd de toevoegingen die in dat voer zitten;
  • Deze problemen zijn vaak goed op te lossen door de hond Kant & Klaar Vers Vlees te geven;
See also:  Hoe Weet Je Of Hond Wormen Heeft?

Het gebit en het spijsverteringssysteem van de moderne hond en zijn voorvaderen is na jaren van evolutie en domesticatie maar weinig veranderd. Een mens is een alleseter en heeft de vrije keuze om te eten wat hij wil, maar een hond is en blijft een vleeseter en is voor zijn voedsel afhankelijk van de mens.

  • Graan in brokken De meeste brokken bevatten slechts 20% vlees en dit is voor een vleeseter natuurlijk een erg laag percentage;
  • In brokken zit ook veel graan, terwijl vers graan echter niet of nauwelijks voorkomt in de natuurlijke voeding van de hond en ook niet of nauwelijks verteerd wordt;

Wel in brokken dus, en vaak in grote hoeveelheden. Meestal zo rond 50% van het totaal. Graan is voor fabrikanten een goedkope energieleverancier en wordt daarom graag gebruikt in brokken. Granen, in deze hoeveelheden, kunnen schimmels en gisten op de huid en in de darmen veroorzaken.

  • Het is ook gebleken dat honden met een chronische oorontsteking goed reageren op voedsel waar geen granen in verwerkt zitten;
  • Natuurlijke darmflora met vers vlees Ook bevatten brokken vaak uitsluitend gekookte voedingsstoffen;

Vitamines overleven dit proces niet, dus die moeten achteraf weer worden aangevuld. Niet alleen de vitamines verdwijnen door het kookproces, ook alle goede bacteriën en enzymen worden vernietigd. Het grote nadeel hiervan is dat de darminhoud van de hond niet de natuurlijke flora kan opbouwen die zo nodig is voor een goede weerstand.

Mooiere huid en vacht Niet alleen is verse voeding erg gezond, de hond zal er ook nog eens enorm van genieten. Zelfs zeer moeilijke eters zullen het rauwe, verse vlees met plezier eten. De hond zal een mooiere huid en vacht hebben, beter functionerende organen hebben, mooiere en schonere tanden hebben, meer energie hebben of juist rustiger worden omdat hij beter in zijn vel zit.

Betere vertering en ontlasting met vers vlees De ontlasting van een hond die vers vlees te eten krijgt, is vele malen minder dan van een hond die brokken krijgt. Dit komt omdat het lichaam vers vlees en botten veel beter kan verteren dan brokken. De hond haalt door het vlees veel meer goede stoffen uit zijn voeding.

  1. De granen en andere onnodige toevoegingen in brokken zijn voor honden alleen maar ballast waar hij niks mee kan en dit zal allemaal weer via de ontlasting kwijtgeraakt moeten worden;
  2. Dit is dan ook goed te zien aan de grote hopen die worden geproduceerd door brokkeneters;

Voor schone tanden Hoe meer ontlasting, hoe minder voedingsstoffen in het lichaam worden opgenomen. Ook de structuur van de ontlasting is mooier bij een hond die vers vlees eet. Honden die brokken eten hebben vaak zachtere ontlasting, terwijl een vers gevoerde hond nette harde ontlasting heeft.

Dit heeft weer grote voordelen voor de anaalklieren, die door de stevigheid van de ontlasting constant gestimuleerd worden en vrijwel nooit ontstoken raken. Voor wat betreft de tanden: het eten van brokken kunt u vergelijken met het eten van een koekje door uzelf.

Vaak blijft er van alles achter op de tanden, wat tandplak en tandsteen gaat veroorzaken. Vers vlees plakt niet aan de tanden, waardoor deze veel schoner blijven en gebitsproblemen voorkomen worden. Betere darmflora met vers vlees Vers vleeshonden zullen minder problemen hebben met blaas en nieren, beter groeien zonder skeletproblemen en beter eten omdat de acceptatie erg hoog is.

De weerstand van de hond gaat er zeker op vooruit omdat alle essentiële voedingsstoffen goed worden opgenomen. Dit zorgt ervoor dat de darmflora beter werkt en dit is erg belangrijk voor de spijsvertering.

Een uitgebalanceerd KVV weekmenu bevat botten, spiervlees, orgaanvlees en pens of boekmaag precies de goede verhoudingen. Soms vragen mensen zich af waarom er pens of boekmaag in verwerkt is, tenslotte is de spijsvertering van een hond er toch op gericht om vlees en botten te verteren? Dit klopt, maar in de natuur eten roofdieren nadat ze de maag van zijn prooi hebben gescheurd, ook de inhoud hiervan op.

De maag en darmen van een prooidier bevatten veel voorverteerd plantaardig voedsel, boordevol vitaminen. Hoeveel moet je voeren met vers vlees? Een volwassen hond eet per dag gemiddeld 2% tot 7% van het ideale lichaamsgewicht aan KVV.

De 2% is dan voor een hond van een groot ras en de 7% is voor een hond van een heel klein ras. Een hond die ouder is, gecastreerd is en/of weinig beweging heeft: zou aan 1,5% van het lichaamsgewicht voldoende kunnen hebben. Een pup eet gemiddeld 5% tot 10% van het huidige gewicht.

  1. De 5% is dan voor een pup van een zeer groot ras, de 10% is voor een pup van een heel klein ras;
  2. Zowel voor een volwassen hond als voor pups geldt dat de genoemde percentages slechts richtlijnen zijn;
  3. Het belangrijkste is dat u goed naar uw hond kijkt en voert op het oog;

Wordt de hond te dik, dan zult u wat minder moeten gaan geven, wordt de hond te dun dan voert u wat meer. Vers vlees in Ravenstein, Schaijk, Oss, Wijchen en omgeving 123diepvriesvoer. nl levert grote en kleine hoeveelheden KVV vanuit voorraad tegen superscherpe prijzen aan alle hondenbezitters in de regio Ravenstein – Schaijk- Oss – Wijchen en buurtdorpen.

Hoe vaak moet je je hond uitlaten?

Hoe vaak hond uitlaten? – Per hond en ras verschilt het natuurlijk hoe vaak en hoe lang de hond uitgelaten moet worden. Het liefst drie tot vier keer per dag, in de ochtend, middag, avond en voor het slapen gaan. Een volwassen hond heeft behoefte aan een grote wandeling, het liefst meer dan vijf minuten.

De meeste honden vinden het heerlijk om een half uur buiten te zijn. Zo kan je trouwe viervoeter goed rondsnuffelen, zijn energie kwijt en socializen. Daarnaast is het voor jezelf ook prettig en gezond om regelmatig naar buiten te gaan en een luchtje te scheppen.

Is je hond bang voor onbekenden of heeft hij gezondheidsproblemen, dan is het verstandig om hem vaker, maar korter uit te laten. Houd ook rekening met de weersomstandigheden, let op bij wandeling met koud weer of juist met warm weer. Kom je niet aan drie tot vier keer per dag wandelen? Maak je dan niet te druk.

Hoe lang kan je een hond alleen laten?

Honden zijn van nature graag bij hun groepsgenoten. Onze huishonden moeten echter regelmatig alleen thuis blijven. Voor een paar uur is dat meestal geen probleem, maar het moet de hond wel eerst aangeleerd worden. Hij moet het vertrouwen krijgen dat u altijd weer terug zult komen. Besteedt u hier te weinig aandacht aan, dan is de kans groter dat uw hond angst voor alleen zijn ontwikkelt.

Hij kan dan bijvoorbeeld gaan blaffen, het huis slopen of onzindelijk worden als u hem te lang alleen laat. Angst om alleen te zijn is heel vervelend, zowel voor de hond als voor u. Het is niet altijd te voorkomen, maar u maakt de kans dat uw hond angst ontwikkelt zo klein mogelijk als u hem stap voor stap aanleert om alleen thuis te blijven.

Heeft u een pup, begin dan op jonge leeftijd al met oefenen. Ook als u een nieuwe volwassen hond heeft, is het verstandig om voorzichtig te bekijken of de hond wel of niet alleen kan zijn. Ook al kon de hond in zijn vorige huis wel goed alleen thuis zijn, alleen blijven in een nieuwe omgeving brengt altijd meer stress met zich mee.

  • De hond zal eerst bij u moeten wennen dus bouw het alleen blijven altijd langzaam op;
  • Bij een hond die niet alleen kan blijven zonder angstig te worden, gaat het vaak om de aanwezigheid van mensen in het algemeen;

In dat geval is een oppas voldoende om de hond rustig te houden. Er zijn echter ook honden die zo gehecht zijn aan één bepaald persoon dat ze er niet tegen kunnen als ze van die persoon (of enkele specifieke geliefde personen) gescheiden zijn. In zo’n geval helpt een oppas dus niet! De laatste vorm is in feite échte ‘verlatingsangst’; de eerste is ‘angst om alleen te zijn’.

Beide vormen worden bij honden echter vaak verlatingsangst (of in het Engels ‘separation anxiety’) genoemd en die term zullen we hier ook gebruiken. Geen enkele hond vindt het leuk om lang alleen te moeten zijn.

Honden hebben sociaal contact en beweging nodig en natuurlijk moeten ze ook regelmatig hun behoefte kunnen doen. Een richtlijn is om volwassen honden niet langer dan 4 tot maximaal (en niet elke dag) 6 uur achter elkaar alleen te laten. Hoe lang voor uw hond mogelijk is, verschilt per individu.

Moet u toch eens langer weg, schakel dan een oppas of uitlaatservice in. Pups hebben veel contact en toezicht nodig en kunnen niet lang alleen zijn, 4 uur is voor hen veel te lang. Als u een pup in huis neemt, moet u er dus rekening mee houden dat u zeker het eerste half jaar niet lang van huis kunt! Er is veel verschil in hoe vervelend honden het vinden om alleen te moeten blijven.

Erfelijke aanleg speelt een rol. Uit sommige onderzoeken komen verschillen in gevoeligheid tussen rassen; zo is er een onderzoek waarbij Cocker Spaniels, Schnauzers en Teckels gevoeliger dan gemiddeld leken te zijn en in een ander onderzoek werden ook Engelse Springer Spaniels en Golden Retrievers genoemd.

Er zijn echter ook onderzoeken waarin geen verschil tussen rassen werd gezien. Ook binnen een ras kunnen er foklijnen zijn waarin de honden meer moeite hebben met alleen blijven en een grotere kans hebben om verlatingsangst te ontwikkelen.

Honden die van een rescue organisatie komen zijn vaak extra gevoelig. Dit kan komen doordat ze als pup geen veilige hechting hadden met het moederdier, bijvoorbeeld door slechte omstandigheden tijdens het leven op straat of jong verlies van hun moeder. Mogelijk kunnen deze pups daardoor in hun latere leven hechtingsproblemen krijgen, zoals overmatig gebonden zijn aan een of enkele personen.

  • Dat kan overigens ook gelden voor asielhonden;
  • Bij plaatsing vormen zij vaak snel een sterke band en zijn dan extra gevoelig voor het (tijdelijk) verbreken daarvan;
  • Daarnaast kunnen opgedane ervaringen invloed hebben op het ontwikkelen van angst voor alleen zijn;

Kijk dus altijd naar uw hond en hoe deze reageert. De training moet hierop afgestemd worden. Die training houdt in dat u heel geleidelijk het alleen blijven moet gaan introduceren en aanleren. Bij de ene hond zult u veel sneller door de stappen kunnen gaan dan bij de andere.

De in dit artikel beschreven opbouw geldt voor honden die nog niet geleerd hebben om alleen te blijven, zoals pups, en die nog niet bang zijn om alleen te zijn. Bij het leren om alleen te zijn is het heel belangrijk dat u de oefening langzaam opbouwt.

Het is namelijk de bedoeling dat de hond het vertrouwen krijgt én houdt dat u altijd terugkomt en dat het niet nodig is om nerveus te worden. Heeft u te veel haast en laat u de hond te lang alleen, dan zal hij zich onrustig gaan voelen en kan stress zich gaan opbouwen.

Dat vervelende gevoel dat hij dan heeft, zal hij gaan koppelen aan het alleen zijn. Het gevolg is dat hij voortaan steeds als hij alleen moet blijven, ook al is het maar even, dat gevoel weer krijgt. Hij is het vertrouwen kwijt dat u snel weer terugkomt.

Dit moet u voorkomen omdat het erg moeilijk is om dat vertrouwen weer terug te krijgen, u moet dan helemaal opnieuw beginnen met oefenen! Overhaast het dus niet, laat de hond het tempo bepalen. Ook al lijkt het langzaam te gaan, u bereikt zo uw uiteindelijke doel sneller.

Begin niet met oefenen om alleen te blijven op momenten dat uw hond vol energie zit. Kies eerder de momenten uit dat hij moe is van het wandelen of spelen. Hij zal dan veel sneller rustig blijven liggen op zijn eigen plek.

Natuurlijk is het ook verstandig als de hond voor het oefenen zijn behoeften heeft kunnen doen. Een eerste voorbereiding voor het alleen thuis blijven is om ervoor te zorgen dat uw hond zelfstandig is. Voor honden die constant achter hun eigenaar aanlopen in huis en eraan gewend zijn dat de baas altijd in de buurt is, is het contrast erg groot als de baas even weg moet.

Leer de hond dus om ook terwijl u thuis bezig bent, rustig in de kamer of op zijn eigen plek te blijven liggen in plaats van u te volgen. Dit oefent u eerst terwijl u in dezelfde kamer bent, daarna kunt u ook een paar tellen de kamer verlaten.

Zorg dat de hond iets te doen heeft, bijvoorbeeld dat er speelgoed ligt waar hij veilig op kan kauwen. Als dit goed gaat, dan kunt u voorzichtig de tijd dat u de kamer uit bent wat opbouwen. Hoe snel dat kan, ligt aan de reactie van uw hond. Maak de tijd eerst langer met stapjes van een paar seconden; kunt u zonder problemen een minuut wegblijven dan kunt u de stappen wat groter gaan maken (bijvoorbeeld met stapjes van 10-20 seconden tegelijk).

Hoe langer u weg kunt blijven, hoe groter u de stappen kunt maken, maar kijk naar uw hond om te bepalen wat voor hem haalbaar is. Zorg er hierbij voor dat u de tijd niet alleen maar steeds langer maakt maar kom tussendoor ook regelmatig weer snel terug.

Geef bij de oefeningen in huis geen aandacht aan de hond. Let op: misschien slaapt uw hond beneden in de huiskamer en gaat dat prima. Dat betekent echter niet dat hij overdag ook zo lang alleen kan blijven! Het naar bed gaan is voor de hond een hele duidelijke context en veel honden hebben snel in de gaten dat u niet echt weg bent.

  • Bovendien zijn ze dan moe en al snel wennen ze eraan dat dit een dagelijks terugkerend ritueel is;
  • Het is heel anders voor hem als u overdag weggaat;
  • Heeft u een pup of een nieuwe hond waarvan u bang bent dat hij dingen kapot zal maken of dingen doet die niet mogen als u even weg bent? Dan kunt u overwegen hem in een bench of andere veilige ruimte te zetten tijdens de oefeningen;
See also:  Inenting Rode Hond Sinds Wanneer?

U moet hem dat echter wel eerst aanleren! Daarover leest u meer in het artikel over ‘ Een hondenbench gebruiken ‘. Als u de hond rustig een tijdje alleen kunt laten terwijl u elders in huis bent zonder dat hij zich daar druk om maakt, kunt u beginnen met oefeningen waarbij u ook echt het huis verlaat.

  1. Bouw ook dit voorzichtig op: eerst doet u alleen de voordeur open en weer dicht, later stapt u heel even naar buiten;
  2. Zorg ervoor dat u altijd terug bent voordat de hond nerveus begint te worden! Maak de tijd dat u weg bent steeds een paar tellen langer, maar bouw tussendoor ook weer steeds kortere oefeningen in die de hond gemakkelijk aankan (zodat het niet zo is dat elke volgende oefening langer is dan de vorige);

Kunt u eenmaal een minuut wegblijven dan kunt u iets grotere stappen gaan nemen. Vergeet niet om ook dan regelmatig oefeningen te doen waarbij u al na korte tijd terug bent. Let op: de hond mag niet leren voorspellen wanneer u langer en wanneer u korter weg bent.

Als u tijdens het oefenen bijvoorbeeld steeds na 3 langere oefeningen 1 korte oefening inplant, dan gaat hij het patroon herkennen. Probeer dat dus zo onvoorspelbaar mogelijk af te wisselen. Eindig een oefensessie wel steeds met de langste oefening.

Mocht die langste oefening onverhoopt toch niet helemaal goed gaan (wat u natuurlijk probeert te voorkomen door rustig op te bouwen), doe dan nog een kortere oefening die zeker goed gaat zodat u de training positief kunt afsluiten. Ga niet te snel door naar lange oefeningen maar oefen voldoende met minder lange oefeningen zodat de basis er goed in zit.

Gaat het goed, oefen dan ook met een zo realistisch mogelijk vertrek. Als u van huis gaat om naar uw werk te gaan of een boodschap te doen, zult u vaak een paar dingen doen zoals uw sleutels pakken, schoenen aandoen, een tas pakken en uw jas aantrekken.

Honden leren vaak dat dit voorspelt dat u weggaat, en een hond die niet goed alleen kan zijn zal al nerveus worden als hij deze voorbereidingen ziet. Oefen ze daarom mee: bedenk wat u doet voor vertrek en ga één voor één deze vertreksignalen opnemen in het oefenen, zodat uw hond meteen leert dat ook dit heel gewoon is.

Maak de tijd dat u weg bent tijdens het oefenen met deze extra vertreksignalen de eerste keren weer korter dan waar u gebleven was. Dus kon u 10 seconden naar buiten, maar neemt u nu voor het eerst uw tas mee? Blijf dan dit keer bijvoorbeeld maar 3 seconden weg en bouw dat weer langzaam op.

Neem niet uitgebreid afscheid door bijvoorbeeld de hond te knuffelen: het is de bedoeling van de oefeningen dat uw tijdelijke afwezigheid voor de hond een ‘saaie’ gebeurtenis is. Neem dus rustig en kort afscheid. Het kan helpen als u op het moment dat u weggaat een vaste, korte zin zegt, bijvoorbeeld: ‘tot straks’.

De hond leert dan tijdens de oefening dat als u dat zegt, u weliswaar even weg bent maar ook dat u op tijd weer terug bent. Het wordt voor de hond uiteindelijk een signaal dat hij zich veilig kan blijven voelen.

U moet dan wel zeker weten dat u op tijd terug bent, dus voordat de hond nerveus wordt! Ga nooit ‘stiekem’ weg, bijvoorbeeld als de hond slaapt of doordat u hem afleidt met voer. Bij uw terugkomst kunt u de hond begroeten, maar doe dat rustig en kort, bijvoorbeeld door hem gewoon gedag te zeggen met een rustige, vriendelijke stem.

U hoeft hem dus niet helemaal te negeren. Ga hem echter niet uitgebreid knuffelen, dat kunt u later doen als hij helemaal kalm is. Om geluiden van buiten te maskeren wordt wel eens gebruik gemaakt van het aanzetten van de radio of een andere geluidsbron.

Dat kan handig zijn als u een hond heeft die snel blaft als hij iets hoort, maar pas wel op. Het komt regelmatig voor dat honden met verlatingsangst ook bang zijn voor geluiden. Angst voor geluiden tijdens het alleen zijn kan de angst voor het alleen zijn ook versterken.

Van een radio of televisie weet u niet zeker welke geluiden er voorbij zullen komen. Een plotseling geluid van bijvoorbeeld een reclame of geluidsfragment tijdens een nieuwsbericht kan uw hond juist extra angstig maken.

Wilt u geluiden afspelen tijdens uw aanwezigheid, kies dan liever voor een geluidsbron waarvan u zeker weet dat het de hond niet onrustig maakt. Reageert uw hond niet sterk op geluiden van buiten, dan hoeft u ook geen muziek of ander geluid aan te zetten als u gaat oefenen met het alleen blijven.

  • Er zijn veel verschillende gedragingen die uw hond kan laten zien als hij verlatingsangst heeft;
  • Veel honden zullen janken, blaffen of piepen;
  • Ook komt geregeld voor dat honden gaan slopen, vaak bij plaatsen waar u bent weggegaan zoals krabben aan de deur of vloer maar ook wel andere voorwerpen of meubilair;

In huis plassen of poepen kan ook een uiting van stress zijn. Andere tekenen van stress zijn bijvoorbeeld onrust, hijgen, bek aflikken, gapen, steeds van positie wisselen (staan, zitten, liggen), overmatig kwijlen en soms overgeven, zwetende voetzolen hebben of ineens haar verliezen.

Vrij veel honden die verlatingsangst hebben, willen niet eten als ze alleen zijn. Er zijn echter ook honden die juist wél eten op momenten van stress. Het komt ook regelmatig voor dat honden eerst hun voer opeten maar zodra dat op is alsnog enorm gestrest raken door het alleen zijn.

Niet eten is dus vaak (niet altijd) een teken van stress; wél eten wil niet zeggen dat er niets aan de hand is! Honden met verlatingsangst volgen vaak hun eigenaar in huis, waar deze ook gaat. Omgekeerd is het niet zo, dat alle honden die de eigenaar in huis volgen ook slecht tegen alleen zijn kunnen.

  • Honden met verlatingsangst zijn vaak ontzettend blij als de eigenaar terugkomt en het kan enkele minuten duren tot ze weer gekalmeerd zijn;
  • Sommige dingen zijn opvallend zodra u thuiskomt, zoals plasjes, krassen op uw deur van nagels of een natte vacht door het kwijlen;

Sporen van uitbraakpogingen, zoals krassen, gesloopte deurposten en soms zelfs afgebroken en bloedende nagels zijn signalen dat de hond echt in paniek is en probeert te vluchten. Maar als uw hond vooral blaft en onrustig heen en weer loopt in huis, kunt u dat gemakkelijk missen.

Soms is het geblaf al gestopt omdat de hond uw auto de straat in hoort rijden en denkt u dat de hond er geen problemen mee heeft, tot u van de buren hoort dat hij tekeer is gegaan. Het is belangrijk dat u tijdens het oefenen goed in de gaten houdt of het echt wel goed gaat.

Als uw hond toch nerveus begint te worden, kan dat uitlopen op verlatingsangst. Let daarom goed op of u tekenen van onrust ziet bij uw hond. U kunt een filmcamera laten lopen als u oefent. Zo zult u het horen als hij blaft of zachtjes piept of zien als hij stresssignalen laat zien zoals onrustig heen en weer lopen of veel hijgen.

Heeft u geen camera dan kan een voicerecorder een aantal van deze signalen ook opvangen. U kunt ook een webcam of de camera van een mobiele telefoon gebruiken zodat u de hond via een andere mobiele telefoon kunt bekijken terwijl u oefent, bijvoorbeeld via software voor online meetings.

Op die manier kunt u direct reageren op wat u ziet en de oefening afbreken als u ziet dat de hond nerveus wordt. Let op: het is niet de bedoeling dat u via zo’n verbinding tegen uw hond praat terwijl u er niet bent! Zet de microfoon aan de kant van de hond uit zodat hij u en uw omgeving niet kan horen.

  1. Hij moet immers wennen aan het alleen blijven, zonder enige vorm van uw aanwezigheid;
  2. Bovendien bestaat er een kans dat het averechts werkt en de hond juist extra naar u op zoek gaat;
  3. In sommige gevallen blijkt de reden waarom een hond blaft als hij alleen is niet te zijn dat hij angstig is, maar blaft hij omdat hij erg waaks is en steeds voorbijgangers ziet of hoort;

En er zijn ook honden die bijvoorbeeld gaan slopen uit verveling als ze te lang alleen zijn, of die in huis plassen omdat ze nog niet goed zindelijk zijn of om medische redenen of wellicht omdat ze te weinig zijn uitgelaten. Ook daarom is het van belang om bij dergelijke signalen het gedrag tijdens uw afwezigheid te filmen, zodat u kunt zien of er meer tekenen van stress en angst aanwezig zijn of dat er misschien andere redenen zijn waarom het alleen blijven niet goed gaat. Tijdens de hele training zijn er twee belangrijke dingen om op te letten:

  1. Laat uw hond nooit langer alleen dan hij aankan! Kom dus altijd op tijd terug. Dat betekent dat u niet ineens een uur kunt gaan winkelen als uw hond pas tien minuten alleen was gebleven in de training. De kans is dan groot dat hij alsnog bang wordt en dan moet u weer helemaal van voor af aan beginnen bij een paar tellen alleen. Waarschijnlijk wordt de training zelfs moeilijker omdat de hond nu de ervaring heeft dat alleen blijven hem een angstige ervaring oplevert.
  2. Straf de hond nooit voor zijn gedrag als hij toch eens is gaan blaffen, plassen of slopen. Het gedrag ontstaat immers vanuit spanning, angst of zelfs paniek, en als u hem gaat straffen wordt dat alleen maar erger omdat de situatie er voor hem nog vervelender van wordt. Angst verdwijnt niet door de hond ervoor te straffen. De hond kan er bovendien niets aan doen dat hij zich zo naar voelt: u wél, namelijk door hem niet langer alleen te laten dan hij aankan.

Als uw hond problemen heeft met het leren om alleen thuis te blijven of als hij al verlatingsangst vertoont, kan dit verschillende oorzaken hebben, bijvoorbeeld:

  • Erfelijke aanleg
  • Het is de hond nooit goed aangeleerd om alleen te blijven
  • De hond heeft het wel geleerd en het ging goed, maar daarna hoefde hij een hele tijd nooit alleen thuis te blijven waardoor hij dit verleerde. Toen dit wel weer nodig was, is het niet opnieuw opgebouwd (denk aan situaties na vakanties of na ziekte of werkloosheid van de baas).
  • De hond heeft iets engs of vervelends meegemaakt toen hij alleen was (bijvoorbeeld onweer of inbraak).
  • Er is een plotselinge verandering van omstandigheden, bijvoorbeeld er is iemand uit het huishouden weggegaan door scheiding, uit huis gaan van kinderen of door overlijden. Of de hond is herplaatst, of u bent verhuisd.
  • Oudere honden kunnen ineens problemen gaan krijgen met het alleen blijven, doordat er veranderingen in de hersenen plaatsvinden (zoals dementie).
  • Fysieke aandoeningen kunnen effect hebben op het alleen blijven, denk aan blaasontsteking waardoor de hond ineens onzindelijk kan lijken, maar ook andere ziektes en pijn hebben effect op hoe de hond zich voelt. Het komt voor dat plotseling optredende verlatingsangst wordt veroorzaakt door een medisch probleem.

Sommige honden die, wanneer ze alleen moeten blijven, in een beperkte ruimte moeten zitten zoals in een bench of kleine kamer kunnen stress vertonen die niet te maken heeft met het alleen zijn maar met het ‘opgesloten’ zitten en doen het veel beter als ze vrij in huis mogen rondlopen. Opgesloten zijn betekent dat de hond geen controle heeft over zijn situatie en dat kan stress opleveren. Een hond met verlatingsangst ervaart stress, angst en soms paniek. Het is niet zo dat een hond bijvoorbeeld iets gaat slopen of in huis plast ‘omdat hij kwaad is dat hij niet mee mag’, ‘uit wraak’! En als uw hond zich ‘schuldig’ gedraagt wanneer u thuiskomt en er is iets gesloopt of er ligt plas, dan is dat niet omdat hij zich schuldig voelt.

Regel dus een oppas! Ook een dagopvang of hondenuitlaatservice kunnen hierbij helpen. Hij neemt een onderdanige houding aan omdat hij merkt dat u niet blij of zelfs boos bent en hij wil voorkomen dat u agressie tegen hem vertoont, zoals boos tegen hem praten of hem op andere manieren straffen.

Maar hij snapt niet dat uw boosheid wordt veroorzaakt door iets wat hij misschien al een uur eerder heeft gedaan, uit angst, en hij weet ook niet dat dit ‘niet mag’: het was voor hem dan ook geen bewuste keuze maar een uiting van zijn stress en paniek! Verlatingsangst is een vervelend probleem dat de hond veel stress bezorgt en zijn welzijn en zijn gezondheid benadeelt.

  • Een goede opbouw op jonge leeftijd kan de kans op problemen verkleinen, maar verlatingsangst kan niet altijd voorkomen worden;
  • Met een goede training en soms met medicijnen kan verlatingsangst behandeld worden;

Dit vergt wel inzet, want er is geen ‘quick fix’. De terugkerende stress van verlatingsangst is echter voor uw hond zowel heel vervelend als ongezond, en ook voor uw huisraad en de relatie met de buren is het belangrijk er iets aan te doen. Straf uw hond nooit voor zijn angst en gebruik nooit hulpmiddelen zoals een anti-blafband: deze werken averechts, geven de hond nog meer stress en zijn daardoor slecht voor het welzijn van de hond.

Hij blaft misschien niet meer, maar hij voelt zich waarschijnlijk nog ellendiger. Vertoont uw hond tekenen van verlatingsangst, ga dan eerst naar een dierenarts om mogelijke lichamelijke problemen uit te sluiten.

Een gediplomeerde hondengedragstherapeut of een veterinair gedragsspecialist kan u vervolgens helpen om een behandelplan op te stellen om het probleem aan te pakken. Hoe u aan betrouwbare adressen komt, leest u in het artikel over ‘ Gedragstherapie voor de hond ‘..