welke hond komt oorspronkelijk uit china?

welke hond komt oorspronkelijk uit china

  • Maat: Medium
  • Hoogte: 44-51 cm
  • Gewicht: 20-27 kg
  • Levensverwachting: 8-12 jaar
  • Type vacht: Korthaar
  • Kleuren: Alle kleuren behalve wit
  • FCI-groep: Pinscher – Schnauzer – Molossian – Zwitserse Berghond en Veedrijvershond

welke hond komt oorspronkelijk uit china De Shar-Pei komt oorspronkelijk uit China. Dit zeldzame hondenras met de huidplooien en de schelpvormige oren is nu ook in de westerse wereld bekend. Het door de FCI erkende hondenras is ingedeeld in groep 2. De kalme en wilskrachtige Shar-Pei houdt ervan om in een eigen gezin te leven.

Welke hond komt van oorsprong uit China?

De Shar-Pei komt uit China en zijn geschiedenis gaat al 2000 jaar terug. Zijn exacte plaats van herkomst is onduidelijk, door standbeelden weten we dat het ergens in Zuid-China of Tibet moet zijn. Letterlijk vertaald betekent Shar-Pei zandhuid, vanwege de kenmerkende harde huid van het ras. Shar-Peis werden gebruikt als herdershond en waakhond.

Ook waren ze bekend als de graftombe- honden vanwege de ontdekking in oude graftombes van 2000 jaar oude standbeelden met hun gelijkenis erop. Toen China communistisch werd, werd er een belasting ingesteld waardoor het houden van honden een luxe werd en buiten het bereik van de gemiddelde boer kwam te liggen.

In 1947 werd de belasting verhoogd en het fokken van honden verboden. Daardoor werd de Shar-Pei een bedreigde diersoort en kwam het ras in 1978 in het Guinness Book of Records als de zeldzaamste hond van de wereld.

Welke hond komt oorspronkelijk?

Afstamming – De wolf is de voorvader van de hond. Volgens genetisch onderzoek door Vilà et al. (1997) zijn er op grond van verschillen in het mitochondriaal DNA vier verschillende groepen hondenrassen te onderscheiden, die mogelijk het resultaat zijn van vier verschillende domesticaties. [3] Wel is duidelijk dat de hond afstamt van de wolf ( Canis lupus ) en niet van de coyote ( Canis latrans ), de Gewone jakhals ( Canis aureus ) of een andere hondachtige : de verschillen van hond en wolf met al deze soorten zijn veel groter dan die tussen hond en wolf onderling.

De grijze wolf komt, althans kwam, over een groot verspreidingsgebied voor in Noord-Amerika , Europa en Azië. Het is op grond van de genetische analyse niet duidelijk of de hond nog van een specifieke ondersoort van de wolf afstamt, zoals de Perzische wolf ( Canis lupus pallipes ), omdat die bij de gebruikte methode genetisch niet te onderscheiden was van de andere typen wolven.

Groep een van de vier door Vila onderscheiden categorieën is weer in verschillende takken onder te verdelen, waarvan een zuidoostelijke tak onder andere de Australische dingo ( Canis lupus dingo ) omvat, een primitieve hond die ook in het wild leeft en zich van de meeste gedomesticeerde honden onder meer onderscheidt door een jaarlijkse voortplantingscyclus.

Genetisch onderzoek naar verschillen in het mitochondriale DNA van de hond toont een nagenoeg identieke (0,2% verschil) basenvolgorde met die van de grijze wolf, wijzend op een directe afstamming in het ( evolutionair gezien) recente verleden.

Het verschil tussen wolven en coyotes was met 4% veel groter. [3] [4].

Hoe is de wolf De hond geworden?

Honden stammen af van de wolf. Inmiddels is de hond waarschijnlijk de diersoort met de meeste fysieke variatie. [1] We kennen bijvoorbeeld Chi Hua Hua’s van 1,5 kilo tot een Deense Doggen van bijna 90 kilogram. De lichaamsbouw, kop, oren, staart, vacht kent vele variaties. Hoe kan het dat al deze verschillende typen honden van dezelfde soort wolf afstammen? De hond (Canis lupus familiaris) is een roofdier uit de familie van de hondachtigen (Canidae).

DNA onderzoek wijst uit dat de Euraziatische grijze wolf de voorouder is van gedomesticeerde honden. Van daaruit is de hond geëvolueerd naar een diersoort met vele verschillende verschijningen. Honden zijn waarschijnlijk de diersoort met de meeste fysieke variatie.

[2] We kennen bijvoorbeeld kleine hondenrassen zoals de Chi Hua Hua die 19 cm hoog en 1,5 kilo kan zijn. Er zijn grote hondenrassen zoals de Deense Dog die wel 107 cm hoog en bijna 90 kilogram kunnen worden. En er zijn honderden hondenrassen die er tussen in liggen qua hoogte, gewicht en uiterlijk.

  • De vorm van het de kop, schedel, neus en lichaamsbouw van honden kunnen sterk variëren;
  • Er zijn honden met tiporen, knoporen, rozenoren, hangende oren, kurketrekkeroren, lobvormige oren en meer;
  • Ook de staart kent vele variaties: zwaardstaarten, otterstaarten, sikkelstaarten, ringstaarten en krulstaarten;

We kennen daarnaast honden met onder andere korte en lange beharing, krulhaar, ruwhaar en zelfs naakthonden. Hoe kan het dat al deze verschillende typen honden van dezelfde wolvensoort afstammen?.

Hoe heet de hond met een blauwe tong?

De blauwe tong van de chow chow – Wist je dat chow chows van nature een blauwe tong hebben? Voor dit ras is het dus heel normaal als het tandvlees en de tong een blauwe kleur hebben. Bij sommige chow chows kan de tong zelfs paars tot zwar t zijn. Wetenschappers hebben nog steeds geen echte verklaring voor dit bijzondere uiterlijke kenmerk van de chow chow.

Sommige wetenschappers zeggen dat de blauwe tong te wijten is aan een overvloed van melanine , een pigment dat in de huid ligt. Een andere wetenschappelijke theorie zegt echter het omgekeerde: de chow chow produceert te weinig melanine , waardoor ze hun tong geen rode kleur kunnen geven.

Tot slot is er een theorie uit de Chinese mythologie , die beweert dat de chow chow de nacht haatte en er probeerde voor te zorgen dat het nooit meer donker zou worden door aan de hemel te likken. De goden waren erg boos hierdoor en hebben de chow chow gestraft door hem een blauwe tong te geven.

Waar komen Shiba Inu vandaan?

De geschiedenis van de Shiba Inu – Er zijn resten van een soort gelijke hond als de Shiba Inu (wat kleine hond betekent) gevonden uit het Jomon-tijdperk. Dit is het tweede deel van de laatste 1000 jaar voor Christus, maar waarschijnlijk leefde de Shiba Inu al veel langer op Japanse eilanden.

  1. De Shiba Inu stamt volgens de deskundigen af van de Pariahonden, de Mongoolse of de Chinese wolf uit China;
  2. Vandaar uit zou de Shiba Inu met rond trekkende volkeren via Korea in Japan terecht zijn gekomen;

Feit is dat dit ras een van de oudste hondenrassen van Japan is. De Shiba leefde in Japan voornamelijk in bergachtig bosgebied op het eiland Honsjoe, waar verschillende lokale variaties met eigen namen waren ontstaan: Mino Shiba, Shinshuh Shiba, Sanin Shiba etc.

Rond 1910 kwam er echter in Japan steeds meer belangstelling voor dieren die in er leefden, ook al waren ze van oorsprong inheems en er werd zelfs een wet aangenomen om deze rassen tot nationaal beschermd erfgoed te verklaren.

In 1936 werd zo ook de Shiba Inu beschermd verklaard, dit is uniek want geen enkel ander land heeft een beschermd hondenras. Het fokken van dit soort mocht dan ook maar binnen bepaalde families die hun hele leven aan deze taak wijdde. Toch raakte de Shiba Inu na de Tweede Wereldoorlog uit beeld.

Hebben alle honden een Hubertusklauw?

Hubertusklauwen zijn standaard voor de Franse Pyrenese berghonden en Turkse kangals (Anatolische herders).

Welke hond is sterker dan een wolf?

Kangal dogs komen oorspronkelijk uit de regio Sivas in Turkije. Ze zijn lange tijd gefokt om het vee te beschermen tegen grote roofdieren zoals wolven en beren. Ze zijn erg lief met kinderen, maar kunnen hierdoor ook agressief worden als er een bedreiging in de buurt komt.

Welke hond bijt het meest?

Staffordshire-achtigen, Pitbulls en Rottweilers: deze hondenrassen zijn verantwoordelijk voor het merendeel van bijtincidenten. Maar het zijn niet de enige veelbijters, blijkt uit een eerste inventarisatie van bijtincidenten. De herdershond, die geen zogenoemde hoog-risico hond is, wordt ook genoemd als belangrijke veroorzaker.

Wat is de sterkste hond van de wereld?

Deense Dog – welke hond komt oorspronkelijk uit china De Deense Dog is de grootste hond ter wereld maar hij staat zeker ook in de lijst van de sterkste. Hoewel deze reusachtige vriend vaak geen vlieg kwaad doet hebben deze honden van oudsher dienst gedaan als jachthond. Nu is de Deense Dog vaak de vriendelijke lobbes die de hele bank in zijn eentje bezet houdt.

Kan een wolf een kind aanvallen?

De mens als prooi – Zijn verhaal wordt bevestigd door dé wolvensexpert van Nederland Leo Linnartz, van de organisatie ‘Wolven in Nederland’. Toch acht hij het uitgesloten dat in de huidige tijd een wolf zich vergrijpt aan een mens. “In principe kan een wolf een mens aanvallen, daar is hij sterk genoeg voor.

Maar we zien in Europa dat er in de afgelopen zestig jaar geen incidenten zijn geweest tussen wolven en mensen. Het kan, maar gebeurt niet. ” Dik van der Meulen vult aan: “De wolf ziet een mens niet als prooi want er zijn genoeg reeën, hazen, konijnen en schapen, maar het dier kan in extreme omstandigheden wel een mens en dus ook een kind aanvallen.

”  Aangezien die extreme omstandigheden zich hier niet voordoen, kan de uitspraak van de boer uit Marum worden betiteld als fictie. EenVandaag checkt dagelijks feiten, stellingen en conclusies uit het nieuws. Uiteindelijk volgt het oordeel: was wat gezegd werd een feit, of toch fictie?.

See also:  Welke Hond Past Bij?

Kan een wolf met een hond paren?

16 apr 2014 om 07:58 Wolven paren verrassend vaak met honden, zo blijkt uit een nieuw wetenschappelijk onderzoek in de Kaukasus. Naar schatting één op de tien wolven en één op de tien honden in de Kaukasus heeft een voorouder die werd verwerkt door een kruising tussen de twee soorten.

Waar hebben wolven een hekel aan?

  • 31 augustus 2018
  • 31 augustus 2018

Leffert Oldenkamp Als wolven er moeten komen, dan helpt praten erover Opnieuw een zomer met berichten dat wolven in de buurt van de Vallei en Veluwe komen. Kan te maken hebben met de aanwezigheid van wolvendeskundigen in en rond Wageningen. Wolven ruiken dat. Helaas waren die deskundigen met vakantie en de wolven trokken – naar verluidt – verder zuidwaarts. Op de Noord-Veluwe beweerden liefhebbers van wolven vorige week nog dat twee exemplaren daar verblijven.

Ik had de foto al eerder in de krant gezien en al jaren geleden op internet aangetroffen. Ondertussen worden drollen aan wolven gekoppeld. Niettemin, als wolven er moeten komen, dan helpt praten erover. Minibosjes Nog beter is ervoor te zorgen dat het aantrekkelijk voor wolven wordt hier te blijven.

Voor de hand liggend is dan veel schapen te houden. Niet moeilijk in de Vallei. De aanleg van minibosjes zou ook kunnen helpen. Ede en Wageningen waren vorige week teleurgesteld dat zij niet waren geselecteerd voor een landelijk project van zogenoemde tiny forests.

Dat zijn bosjes ter grootte van een tennisbaan, die onder meer nuttig kunnen zijn om dieren aan te trekken. Zolang er een tekort is aan tennisbanen in de Vallei, zijn gemeenten niet in staat dergelijke bosjes zelf aan te leggen.

Maar het zal er toch een keer van moeten komen, als we tenminste hier wolven willen houden. Laten we dergelijke bosjes dan meteen ‘wolvenbos’ noemen, dan weten wolven waar ze moeten zijn. Niets doen op braakliggende terreinen levert overigens sneller en goedkoper minibosjes (zie foto) op. Vijfjarig minibos op braakliggend terrein in Wageningen – Foto: ©Leffert Oldenkamp Ezelsgedrag vermijden Ook kan het belangrijk zijn, zaken die voor wolven niet aantrekkelijk zijn, te vermijden. Geen geweren aan schapenhouders verstrekken dus. Wolven hebben er een hekel aan afgeschoten te worden. Wolven hebben vooral een gruwelijke hekel aan ezels. Daar gaan ze voor op de loop. Dus we zouden al vast kunnen beginnen ezels uit de Vallei en op de Veluwe te weren en ezelgedrag te vermijden. Tekst: ©Leffert Oldenkamp, bosbouwkundige ______________________________________________________________________________________________________________________ Kleine aanvulling! De boer heeft zo zijn bedenkingen bij deze wolf in schaapskleren! Permanente koppeling naar dit artikel: https://www. de-veluwenaar. nl/2018/08/31/wolven-hebben-een-gruwelijke-hekel-aan-ezels/.

Kan een hond ADHD hebben?

De hyperactieve hond Atjo Westerhuis [1], Sara Bastiaens [2] In de praktijk zien we regelmatig honden, die hyperactief zijn; in extreme gevallen kan dit leiden tot serieus probleemgedrag. Al gauw krijgen deze honden het etiket ‘ADHD’ opgeplakt. In de meeste gevallen is hyperactiviteit te herleiden naar raspredispositie , conditionering van ‘verkeerd’ gedrag en gebrek aan afleiding, beweging en/of uitdaging. Horwitz [3] noemt de volgende kenmerken als typerend voor ‘ADHD’ bij de hond:

  • Hyperactiviteit
  • Niet bereiken van sociale volwassenheid
  • Het wordt vaker ‘gezien’ bij honden van ≥ 3 jaar [2]
  • Niet kunnen wennen aan normale prikkels uit de omgeving [3]
  • Opvallend reactief gedrag, met name opwinding
  • Herstel van reactief gedrag duurt relatief langer
  • Lijkt niet de rust te kunnen vinden, zelfs niet in een rustige omgeving
  • Gebrek aan aandacht [4]
  • Impulsief gedrag
  • Hoge basaal-fysiologische parameters tijdens rust [5]
  • Paradoxale kalmerende respons op amfetamines

Horwitz 3 stelt, dat bij deze honden het begrip hyperkinesie (bewegingsdrang) beter past dan over- of hyperactiviteit. Vinke et al. [6] noemen de volgende kenmerken als typerend voor ADHD bij de hond:

  • Persisterende rusteloosheid met een hoog activiteiten- en locomotiepatroon
  • Overdag niet kunnen slapen, zelfs niet bij af wezigheid van stimuli
  • Moeilijkheden om focus te houden, snel afgeleid: slecht of niet kunnen leren
  • Impulsief en/of weerbarstig gedrag, soms agressie, moeilijkheden bij responsbeheersing
  • Verhoogde hart- en ademhalingsfrequentie
  • Snel en veel eten en drinken; zonder aanwijsbare fysieke reden
  • Onrustig gedrag is al aanwezig vanaf de puppy leeftijd
  • Geen enkele reactie op (meerdere) pogingen om rustig gedrag te stimuleren
  • Paradoxale kalmerende respons op amfetamines

[1] Atjo Westerhuis, dierenarts, EduVet Dierenkliniek, Veenendaal, [email protected] nl [2] Sara Bastiaens, nutrionist, Prins Petfoods, Veenendaal, [email protected] nl [3] Hyperactivity in Dogs, Debora F. Horwitz, DVM Dipl. ACVB, NAVC Clinician’s Brief, April 2010 [4] AW: ‘onvolwassen gedrag’ wordt op de leeftijd ≤ 3 jaar vrijwel altijd nog als ‘normaal’ gezien [5] Bijv.

Hier past niet het begrip ‘ADHD’. In uitzonderingsgevallen is er sprake van een vorm van hyperactiviteit, die wel past bij het begrip ‘Attention-Deficit Hyperactivity Disorder’ oftewel ‘ADHD’. niet kunnen wennen aan het geluid van huishoudelijke apparaten of aan mensen die buiten hun routine gaan [6] AW: beter is om hier te spreken van relatief gebrek aan aandacht [7] Hart- en ademhalingsfrequentie (te) hoog, lagere BCS.

AW: bloeddruk: systolisch en diastolisch hoognormaal of te hoog [8] ADHD bij honden, Claudia Vinke, Marjan van Hagen en Matthijs Schilder, Faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht, Gedragskliniek Info, januari 2016. Diagnose De uitdaging is om de (zelden voorkomende) hyperkinetische hond te onderscheiden van de (heel veel vaker voorkomende) hyperactieve honden.

  1. Omdat er geen valide diagnostische test beschikbaar is voor honden met ‘ADHD’, wordt de diagnose vooral gesteld op basis van een gedetailleerde anamnese;
  2. De anamnese is alleen waardevol, als de eigenaar zijn of haar hond goed observeert en bij de anamnese ook ruimschoots de tijd krijgt om zijn of haar verhaal tot in de details te kunnen doen;

De eigenaar heeft daarmee een hoofdrol bij het stellen van de juiste diagnose. Daarnaast is samenwerking tussen hondengedragskundige en dierenarts van belang. Enerzijds om met elkaar inzicht te krijgen in de differentiaaldiagnose ‘hyperactiviteit’, anderzijds om (eerst) onderliggende pathologieën uit te sluiten, aan te tonen en te behandelen.

Hyperactiviteit zou een gevolg kunnen zijn van te veel schildklierhormoon in het bloed, bijvoorbeeld door BARF ‘verontreinigd’ met schildklierweefsel van slachtdieren of ongemak (allergie, pijn). Behandeling: methylfenidaat (Ritalin®) Methylfenidaat (Ritalin®) is een synthetisch amfetamine; in principe werkt dit als een sympathicomimeticum en dus opwekkend in plaats van kalmerend.

Kenmerkend voor de hyperkinetische hond is de paradoxale kalmerende respons op amfetamine, hier methylfenidaat. Dus methylfenidaat kan als diagnostische test worden ingezet. Horwitz 3 geeft aan dat, als toediening (in de eigen omgeving) van één enkele dosering (0.

5 mg/kg) van methylfenidaat aan een hond, verdacht van hyperkinesie, er binnen 30-120 minuten een positief effect optreedt, de diagnose hyperkinesie ‘vermoedelijk’ bevestigd is. Grote verschillen in individuele reacties op toediening van methylfenidaat en een subjectieve beoordeling van de (positieve) reacties door de eigenaar maken deze diagnostische test minder betrouwbaar.

Een positief effect betekent verbetering van de klinische klachten en verlaging van hart- en ademhalingsfrequentie. Vinke et al. 8 benadrukken dat doseren van methylfenidaat lastig is. Doseringen en effecten kunnen kennelijk sterk verschillen per individuele hond.

  • Zelfs bij lage doseringen worden negatieve effecten gezien als gevolg van vergiftiging: braken, diarree, tachycardie, verhoogde ademhalingsfrequentie, tremoren, hypertensie en hyperthermie; in een aantal gevallen zelfs agressie! Methylfenidaat is dan ook gecontraïndiceerd bij hartproblemen, epilepsie en epileptiforme aandoeningen, hoge bloeddruk en agressie;

Doseringsadvies van Horwitz 3 voor toepassing van Methylfenidaat (Ritalin®) bij de hond is 0. 5 mg/kg, elke 8-12 uur, resp. 3-2 x per 24 uur. Indien er geen effecten zijn, geen positieve en geen negatieve, kunnen we de dosis verhogen in ‘stapjes’ van met 0.

  1. 25 mg/kg, 1 keer in de 3 dagen, totdat een positief resultaat is bereikt of negatieve bijwerkingen optreden, tot een maximum van 2 mg/kg;
  2. Vinke et al;
  3. 8 waarschuwen, dat er al intoxicaties zijn waargenomen bij een dosis van 1 mg/kg;

Het is aannemelijk, dat in principe de bovengrens ≤ 4 mg/Kg, elke 8-12 uur, resp. 3-2 x per 24 uur, niet moet worden overschreden. Casus Fee (verslag van eigenaar, Sara Bastiaens 2 ) Fee: Kleine Münsterländer, teef, bruin-schimmel, 3 jaar (geboren: 7. 2017) Fee was als pup al het hondje met de bijnaam ‘Duveltje’ (= duiveltje) wel vnl.

liefkozend bedoeld, ze bleef vriendelijk maar haalde toch al wat streken uit. Terwijl alle pups sliepen, was Fee diegene die ergens nog iets aan het ontdekken was. Een dweil die moest worden gesloopt, het plonsbadje moest nog worden gebruikt en nadien in de modder rollen om dan over haar broertjes en zusjes heen te lopen.

See also:  Mijn Hond Is Blind Wat Nu?

Als zij sliep was het toen al met haar hoofd onder broers en zussen. Fee was ook de pup die met de fazant ging lopen toen deze werd geïntroduceerd. De fokker heeft toen zelf gezegd dat ze Fee aan ons toevertrouwden omdat wij ervaring hadden. Ik ben trimmer, pensionhouder en instructeur van opleiding, daarnaast altijd een engelengeduld met dieren gehad en hierdoor ook gepassioneerd.

Kan een hond het syndroom van Down hebben?

Honden 20 september 2020 1 min leestijd Van alle menselijke bevallingen van baby’s met het syndroom van Down, eindigt de bevalling in de helft van de gevallen in een miskraam. De baby’s die de bevalling wel overleven bij mensen, gaan door het leven met het syndroom van Down. Bij honden liggen deze getallen heel anders. Vrijwel alle bevallingen van honden met het syndroom van Down, eindigen in een miskraam. Slechts enkele honden met het syndroom van Down zullen de bevalling overleven.

En als een hond met dit syndroom de bevalling overleeft, is de kans groot dat hij vlak erna alsnog overlijdt. Slechts een enkeling leeft door. Herkenning van het syndroom van Down De mens heeft veel kennis opgebouwd over het syndroom van Down bij mensen.

Hierdoor is het mogelijk om dit syndroom van Down op jonge leeftijd te herkennen en hier iets mee te doen. De baby zal extra aandacht en indien nodig medicatie krijgen, waardoor de overlevingskansen groter zullen zijn. Bij honden ligt dit anders. Hier wordt het syndroom van Down lang niet altijd herkend.

  1. Dit kan komen doordat bijvoorbeeld de kennis niet voor handen is bij de eigenaren van de hond;
  2. Als een hond bijvoorbeeld bij iemand thuis wordt geboren en er is geen dierenarts aanwezig, dan is de kans klein dat het syndroom van Down wordt herkend;

De hond wordt hierdoor als ‘normaal’ beschouwd en wordt ook als zodanig behandeld. Afwijkend gedrag Een hond met het syndroom van Down zal afwijkend gedrag gaan vertonen. Hij zal niet of nauwelijks communiceren, lopen zal niet of nauwelijks gaan en de hond zal vatbaar zijn voor allerlei aandoeningen.

Waarom is een Chow Chow gevaarlijk?

Een waakhond – Vroeger werd de Chow Chow dus gebruikt als waakhond en als jachthond. Hierdoor is hij erg terughoudend wanneer er mensen zijn die hij niet kent en dan hij erg gaan blaffen. Dat heeft natuurlijk te maken met zijn verleden. Tegenover vreemden en andere honden kan een Chow Chow dan ook redelijk agressief reageren.

Als er iemand op het terrein van de Chow Chow komt die hij niet kent of wanneer er een vreemde hond komt, dan kan hij zelfs angstaanjagend worden. Dat komt omdat ze mensen wantrouwen en territoriaal gedrag laten zien.

Hierdoor lijkt de Chow Chow soms dus wel gevaarlijk, maar je kunt ook bedenken dat hij hierdoor de perfecte waakhond is.

Wat kost een Shar-Pei pup?

Prijs van een pup – De Sharpeiclub heeft geen vastgesteld tarief. Fokkers vragen prijzen van rond de 1300 euro voor de Shar-Pei.

Wat is de grootste hond van de wereld?

Gepubliceerd op 23. 11. 21 Leestijd: 5 minuten Opslaan Volgens Guinness World Records heet de grootste levende hond ter wereld – in hoogte gemeten – Atlas Seay. De hond woont in Georgia, VS, met zijn eigenaar Spencer Seay en haar familie. Atlas is een Duitse dog en is wel 1,03 meter groot, van de poten tot het hoogste punt op de rug.

  • Een hond als Atlas weegt ook behoorlijk wat – wel 102 kilo – en hij is nu zo groot geworden dat hij niet meer in de auto van de familie past;
  • Atlas mag dan de grootste nu levende hond zijn, hij is niet de grootste hond aller tijden;

Die titel is toebedeeld aan de hond Zeus, die in 2011 door Guinness World Records werd gemeten en 1,11 meter hoog bleek. Zeus overleed helaas in 2014 op vijfjarige leeftijd.

Waar eten ze kat en hond?

Waar eten ze kat en hond? – In Azië zijn het vooral Myanmar, Cambodja, Noordoost-China, Noord- en Zuid-Korea, Indonesië, Libanon en Vietnam waar honden als voedsel gebruikt worden. In China werden honden aanvankelijk gebruikt om pakhuizen te bewaken.

Wat voor soorten honden zijn er allemaal?

Als u overweegt om een hond aan te schaffen, moet u een keuze zien te maken uit de veelheid aan hondenrassen. Het is immers belangrijk dat u een hond kiest die bij u past. Een goede start is om u eens te verdiepen in de verschillende rasgroepen. Er bestaan meer dan 345 rassen die door de Fédération Cynologique Internationale, of FCI, erkend zijn. De FCI is een wereldwijde organisatie die de registratie van hondenrassen en stambomen bijhoudt.

Al deze rassen zijn onderverdeeld in tien rasgroepen. Deze onderverdeling is gedaan op afkomst, uiterlijke kenmerken en gebruik. Hieronder treft u een overzicht aan van de rasgroepen met een aantal belangrijke kenmerken.

Daarbij moet u wel bedenken dat er natuurlijk veel individuele verschillen zijn en dat niet elke hond van een bepaald ras elk kenmerk in dezelfde mate bezit. Op de website van de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied vindt u een overzicht van de rasgroepen en de rassen die hieronder vallen. Onder deze groep vallen drie secties:

  • honden die gefokt zijn om kuddes te hoeden, zoals de Hollandse Herder,
  • honden die gebruikt worden om vee te drijven zoals de Border Collie, 
  • honden die de kudde bewaken, zoals de Kuvasz.

De hoeders en veedrijvers zijn erg actief en hebben veel beweging nodig. Ze zijn op hun baas gericht en hechten zich sterk aan hun eigen gezin. Ze reageren snel en kunnen soms nerveus zijn. Drijvers en hoeders houden ervan om achter bewegende voorwerpen, mensen of dieren aan te jagen. Bij de opvoeding moet u er dan ook veel aandacht aan besteden om dit najagen onder controle te houden.

Ze leren snel en vinden het leuk om iets samen met de baas te doen. Ze zijn vaak waaks. Kiest u een hond uit deze groep dan zult u ervoor moeten zorgen dat u hem bezig houdt, zowel fysiek als geestelijk. Honden uit echte werklijnen zijn niet erg geschikt als huishond, zij hebben zoveel energie en werklust dat er ook echt flink mee gewerkt moet worden om probleemgedrag zoals het najagen van fietsers, het drijven van kinderen of slopen en agressie te voorkomen.

Honden uit showlijnen zijn meestal rustiger van aard. Ga dus bij aanschaf altijd na uit wat voor foklijn de hond komt. Herders hebben een goede socialisatie nodig om niet nerveus te worden van nieuwe dingen en mensen. De bewakers zijn doorgaans rustige maar zelfstandige en zelfverzekerde honden, waaks en terughoudend tegenover vreemden.

Om deze honden te houden moet u stevig in uw schoenen staan, vaak zowel figuurlijk als letterlijk want ze zijn groot en sterk. Ze zullen niet onvoorwaardelijk gehoorzamen omdat ze gefokt zijn om zelf beslissingen te nemen.

Ze moeten goed gesocialiseerd worden, vooral met vreemde mensen. Pinchers en Schnauzers zijn gefokt voor het verdelgen van ongedierte en bewaking van het huis. Uitzonderingen daarop zijn de Dobermann Pincher die gefokt is als waak- en verdedigingshond, en de Riesenschnauzer die een veedrijver is.

Pinchers en schnauzers zijn actieve, zelfstandige honden met veel jachtinstinct, gehecht aan hun gezin en beschermend van aard. Ze kunnen veel blaffen en wantrouwig zijn tegenover vreemden, iets om rekening mee te houden als u in een flat of gehorig huis woont.

Een goede socialisatie met mensen maar ook met andere dieren is belangrijk, net als een duidelijke leiding. Ze zijn slim en leren snel. Molossers, de dogachtigen, werden vroeger gebruikt om met legers mee te trekken, als verdediger, lastendrager en hulp bij de jacht.

Een aantal soorten werd ook gebruikt voor gevechten met honden, beren of stieren. Voorbeelden zijn de Bordeaux Dog, Duitse Dog en Cane Corso. Molossers zijn grote, zware en sterke honden. Ze zijn rustig, zelfstandig en zelfverzekerd en hechten zich aan het gezin.

Molossers hebben een grote bijtkracht, bij het vechten bijten ze toe en blijven dan vasthouden in plaats van steeds opnieuw te bijten. Doorgaans laten ze zich niet snel kwaad maken en ze zijn vrij ongevoelig voor pijn. De meeste molossers leren niet zo snel.

De molosser heeft een duidelijke, zelfverzekerde baas nodig met natuurlijk overwicht. Uiteraard heeft fysieke dwang bij deze rassen geen enkel effect. De Zwitserse Sennenhonden zijn gefokt om vee te drijven, karren te trekken en het huis te bewaken.

See also:  Waarom Kan Een Hond Geen Chocolade Eten?

Sennenhonden zijn waaks en zelfstandig. Ze leren vrij snel, vooral de twee kleinere soorten (Appenzeller Sennenhond en Entlebucher Sennenhond). Deze twee zijn ook behoorlijk actief en houden van samenwerken, terwijl de twee grote soorten, Grote Zwitserse Sennenhond en Berner Sennenhond, doorgaans rustiger, zelfstandiger en bedachtzamer zijn.

  • Terriërs zijn gefokt om te jagen op ongedierte en schadelijk wild en dit zelf te doden;
  • Ze zijn onder te verdelen in hoogbenige terriërs die boven de grond jagen, zoals de Airedale Terriër, laagbenige terriërs zoals de Cairn Terriër die de prooi tot in het hol volgen, bulldog-achtige terriërs als de Bull Terriër en de Staffordshire Bull Terriër die voor gevechten gebruikt werden en terriërs van het dwerghondentype zoals de Yorkshire Terriër die meer als gezelschapshond bedoeld zijn;

Terriërs zijn actief, moedig en vasthoudend. Ze hebben veel energie en het zijn echte jagers. Het zijn onafhankelijke, eigenwijze honden die niet altijd even goed met andere honden omgaan. Veel terriërs zijn waaks en blaffen graag, wat hen minder geschikt maakt voor een flat.

Bijna allemaal houden ze van graven, ook in uw tuin! Een duidelijke, consequente opvoeding is noodzakelijk, ook voor de kleine terriërrassen. Vooral bij de bulldog-achtige terriërs (de Amerikaanse Staffordshire Terriër, de Staffordshire Bull Terriër (‘Engelse Stafford’) en de Bullterriër) kunnen de reuen op volwassen leeftijd onverdraagzaam zijn tegenover andere honden.

Tijdens de opvoeding moet extra aandacht worden gegeven aan socialisatie met andere honden om te zorgen dat dit geen probleem wordt tijdens het uitlaten. Naar mensen en vooral hun eigen gezin toe zijn dit juist erg aanhankelijke honden. Deze honden zijn gefokt om te jagen onder de grond.

  • Er zijn drie vachttypen, kortharig, ruwharig en langharig, en van elk vachttype bestaan drie formaten, Standaard, Dwerg en Kaninchen;
  • Van oorsprong zijn ze moedig, blaffen ze graag, willen ze graag werken en zijn het zelfstandige honden die snel leren;

Hun jachtinstinct is groot. Er zijn veel verschillen tussen de lijnen die voor het showen zijn gefokt en werklijnen: showlijnen zijn vaak rustiger en sneller onder de indruk. Ook is er karakterverschil tussen de vachttypen en formaten, waarbij de langharige honden wat zachter en eerder nerveus zijn en de ruwharigen vaak wat feller, en zijn de kleinste formaten (Dwerg en Kaninchen) wat sneller angstig.

De socialisatie is erg belangrijk, vooral ook met kinderen en andere honden. Als hier te weinig aandacht aan wordt geschonken wordt de hond vaak nerveus of vertoont angstagressie. Laat u niet misleiden door het formaat van de Dashond: een goede en consequente opvoeding is noodzakelijk! De combinatie van jachtinstinct en zelfstandigheid maakt dat vooral het commando ‘hierkomen’ goed geoefend moet worden en dat extra aandacht moet worden gegeven aan het niet najagen van bijvoorbeeld eenden of fietsers.

De spitsen zijn poolhonden, gebruikt om te trekken, te waken en te jagen, Scandinavische jachthonden, Scandinavische herdershonden en de Europese en Aziatische keeshonden. Oertypen zijn nog hele oorspronkelijke honden die al heel lang bestaan, zoals de Pharaohond.

  1. De honden uit deze rasgroep zijn vaak erg onafhankelijk en veel rassen zijn echte jagers;
  2. Sledehonden zoals de Husky en de Malamute zijn echte groepsdieren en kunnen slecht tegen alleen zijn;
  3. Ze hebben het liefst een andere hond als gezelschap;

Ze zijn meestal verdraagzaam naar andere honden en wat afstandelijk naar mensen. Het zijn zeker geen knuffeldieren en veel honden uit deze groep willen graag hoog in de rangorde staan. Het zijn daarnaast felle jagers die daardoor moeilijk los kunnen lopen.

De Scandinavische jachthonden, bijvoorbeeld de Noorse Elandhond, zijn eigenzinnig en hebben een groot uithoudingsvermogen. Scandinavische herders zijn actief, gehecht aan hun gezin en leren snel. Voorbeelden zijn de Finse Lappenhond en de IJslandse Hond.

Keeshonden zijn waaks, blaffen veel, zijn gehecht aan hun gezin en wantrouwend tegenover vreemde mensen. Ze leren snel. De Aziatische keeshondachtigen zoals de Akita Inu of de Chow Chow zijn onafhankelijk en vrij afstandelijk, ze leren snel maar zijn niet gemakkelijk te trainen door hun eigenzinnigheid.

De Europese keeshonden, bijvoorbeeld de Dwergkeeshond, zijn wat aanhankelijker. Oertypen, bijvoorbeeld de Basenji of de Podenco Ibenco, zijn honden die erg onafhankelijk en eigenzinnig zijn. Ze zijn in huis rustig maar buiten actief.

Vooral de Podenco-soorten hebben erg veel jachtpassie en zijn daardoor moeilijk buiten los te laten zonder dat ze er vandoor gaan. Deze honden worden gebruikt voor de jacht, waarbij ze het wild opsporen en opdrijven. Ze zijn op te delen in drijvende honden, die het wild opdrijven (bijvoorbeeld de Beagle), zweethonden zoals de bloedhond die bloedsporen volgen, en twee overige verwante rassen: de Dalmatische Hond en de Rhodesian Ridgeback.

De honden uit deze rasgroep hebben een goede neus en een sterk ontwikkeld jachtinstinct. Drijvende honden en zweethonden zijn echte roedeldieren en zijn niet zo goed alleen te houden. Het liefst wonen ze met andere honden samen.

Ze zijn zelfstandig en gaan buiten hun neus achterna. Dit kan een probleem zijn bij het uitlaten, een goede opvoeding met extra aandacht voor het hierkomen is noodzakelijk. Naar hun gezin zijn ze aanhankelijk. De Dalmatische Hond en de Rhodesian Ridgeback zijn sterke, actieve honden met een eigen wil.

Beide kunnen ze onverdraagzaam zijn naar andere honden en ze zijn vaak onstuimig naar mensen, vooral als ze jong zijn. Ze zijn niet zo eenvoudig op te voeden en hebben veel socialisatie nodig. Voorstaande honden zijn jachthonden die het wild, vaak vogels, opsporen en vervolgens aanwijzen door in een bepaalde houding te blijven staan.

Als de jager dit aangeeft, mag de hond het wild opstoten zodat de jager het kan schieten en daarna kan de hond het wild apporteren. Voorbeelden uit deze groep zijn de Pointer, Duitse Staande, de Drentsche Patrijshond en de Ierse Setter. Vaak zijn dit gevoelige honden die zich aan hun gezin hechten.

Ze hebben vrij veel beweging nodig en willen graag werken met de baas. Uiteraard hebben ze veel jachtinstinct, dus het hierkomen moet goed worden aangeleerd en u moet oppassen dat ze niet hun neus achterna gaan.

Ze zijn vaak wat eigenzinnig maar leren snel. Dit zijn honden die het wild ophalen als de jager het heeft geschoten. Spaniëls stoten bovendien het wild op. Waterhonden zijn erin gespecialiseerd om vissers te helpen en om waterwild te apporteren. Retrievers, zoals de Labrador Retriever en de Golden Retriever, willen graag samen met de baas werken en zijn meestal dol op apporteren.

Ze worden wat later volwassen dan veel andere rassen. Spaniëls, bijvoorbeeld Cocker Spaniël of Springer Spaniël, zijn wat eigenzinniger en onafhankelijker en hebben soms een sterke jachtpassie. Waterhonden (Portugese Waterhond, Wetterhoun) zijn doorgaans goede zwemmers, werken graag samen met de baas maar kunnen ook zelfstandig en waaks zijn.

Honden uit deze groep zijn sociaal en aanhankelijk en hebben veel uithoudingsvermogen. De meeste van deze rassen zijn bovendien dol op water. Leer hen om alleen op commando het water in te gaan en let op dat zij niet achter eenden of ander wild aan gaan. De gezelschapshonden komen van oorsprong uit allerlei andere rasgroepen maar zijn vervolgens gefokt om de mens gezelschap te houden De naam zegt het al: de honden uit deze groep zijn gehecht aan hun baas en houden vaak niet van alleen zijn maar willen bij hun baas in de buurt blijven.

Dit kan een probleem vormen bij het leren alleen thuis te blijven. Ze zijn speels, aanhankelijk en vaak gevoelig. Ook kunnen ze waaks zijn en veel blaffen. Voorbeelden van deze groep zijn de Franse Bulldog, de Poedel, de Maltezer en de Cavalier King Charles Spaniel.

Windhonden, bijvoorbeeld de Whippet, Afghaanse Windhond of Ierse Wolfshond, zijn jachthonden die vooral op zicht jagen in plaats van op hun neus zoals de andere jachthonden. Ze worden gebruikt om het wild op te sporen, te jagen en te doden. Deze honden zijn vaak rustig en aanhankelijk in huis, maar eenmaal buiten erg actief en zelfstandig.

Ze hebben erg veel jachtinstinct. Ze reageren direct op beweging en zijn als ze eenmaal gaan jagen moeilijk terug te roepen. Windhonden vallen onder de ‘lange honden’, waarmee wordt bedoeld dat zij snel genoeg zijn om wild te achtervolgen en te vangen.

Het is verboden om met lange honden te jagen. Ook is volgens de wet is een hondenbezitter verplicht om te voorkomen dat zijn dier in het veld dieren vangt. Dit is met een windhond lastig te voorkomen. U zult de hond dus veel aan de lijn moeten houden. Eventueel kunt u de hond leren om naast de fiets te lopen zodat u hem toch genoeg beweging kunt geven..